Stad van doeners

Werk kan een bron van ultieme persoonlijke voldoening zijn. Het draagt ​​ook bij aan de welvaart van bedrijven, steden en landen. In het beste geval doet het beide. Helaas is dit niet de regel. In dit artikel onderzoek ik hoe betrokkenheid en passie opnieuw hun intrede kunnen doen op de werkplek en hoe steden daaraan kunnen bijdragen.

Onbekende artiest: Middeleeuwse markt (Wikimedia Commons)

De verdwijning van het ambacht

Zoals de afbeelding hierboven laat zien, waren steden vroeger broedplaatsen van ambacht en ambachtslieden. Deze bevolkten elke straat en tijdens de vele processies en optochten presenteerden hun verenigingen, de gilden, zich in volle glorie.

Ambachtslieden en handelaars zorgden ervoor dat steden floreerden. Eeuwenlang was ondernemerschap verbonden met kunst en ambacht in ruil voor persoonlijke voldoening, tevreden klanten en het een goed bestaan. Ze waren een voorbeeldig voorbeeld van ondernemerschap.

In essentie geeft een een ondernemer vorm en inhoud aan nieuwe activiteiten op basis van persoonlijke motivatie en vaardigheden en creëert daarmee waarde voor zichzelf en de samenleving.

Een beschrijving die nog steeds van toepassing is op kleine en grote ondernemers, franchisenemers en intrapreneurs op uiteenlopende terreinen. 


Steden van makers maakt deel uit van een reeks essays over hoe steden humaner kunnen worden. Dat betekent het vinden van een evenwicht tussen duurzaamheid, sociale rechtvaardigheid en kwaliteit van leven. Dit vereist vergaande keuzes. Zodra deze keuzes zijn gemaakt, is het vanzelfsprekend dat we slimme technologieën gebruiken om deze doelen te bereiken. 

De essays die al zijn gepubliceerd, zijn hieronder te vinden.
  1. Inleiding: Steden in de toekomst: Vanzelfsprekend smart. Humaan als keuze
  2. De gezonde stad
  3. De veerkrachtige stad
  4. De klimaat-neutrale stad
  5. De veilige stad
  6. De goed-bestuurde stad
  7. De donut stad
  8. De kringloop stad
  9. De digitaal rechtvaardige stad
  10. De goed gevoede stad

In minder dan een generatie verdween het soort ondernemerschap dat vanaf de middeleeuwen tot de 19e eeuw domineerde. Het maakte plaats voor eenvoudig en routinematig werk (low strain-jobs): operators, bedienden, havenarbeiders en bedienden. Fabrieken, kantoren en pakhuizen verdrongen kleinschalige werkplaatsen. Zij brachten met zich mee hiërarchie, streng toezicht en vooral productie aan de lopende band. Ook het aanzien van steden veranderde wezenlijk. Voorheen bloeiende stadscentra werden overvolle woongebieden voor de arbeiders, omringd door grote industriële gebieden, kantoren, pakhuizen en spoorwegemplacementen.


Arts & Craft en Makers Movement

Door de industriële revolutie verdwenen ambachtslieden in grote delen van Europa. Maar niet helemaal: De groei van massaproductie voedde de Arts & Crafts-beweging; verspreide groepen ambachtslieden en kunstenaars, toegewijd aan de kleinschalige productie van meubels, lampen, servies, bestek. De korte video van de Open University hieronder is een mooie illustratie van de kracht van de beweging, de integratie van technologie en ambacht.

Het Italiaanse bedrijf Alessi is een goed voorbeeld. Het bedrijf slaagde erin de kloof tussen vakmanschap en industriële productie te overbruggen. Bijvoorbeeld door door prominente kunstenaars zoals Philippe Starck uit te nodigen en hun ontwerpen toegankelijk te maken voor een grote groep klanten.

De Makers Movement is gerelateerd aan de traditie van Arts & Crafts. Zij omvat duizenden kleine ambachtelijke bedrijven, die hun producten meestal aanbieden via sites als Etsy. Etsy’s omzet voor 2013 was $ 1 miljard en er waren dat jaar 1 miljoen klanten.


De nieuwe industrieën, spoorwegen, handelsfirma’s en pakhuizen waren de tastbare verschijningsvorm van het 19de-eeuwse ondernemerskapitalisme, soms meedogenloos, soms met compassie.

In de loop van de 20ste nam een ​​nieuwe generatie managers bezit van de directiekamer van grote bedrijven. Het is de vraag of deze nog steeds als ondernemer kunnen worden getypeerd omdat deze bedrijven steeds meer op bureaucratieën begonnen te lijken.

Ondernemerschap bleef domineren in de detailhandel en in de landbouw. Om nog maar te zwijgen van ontwikkelingslanden waar de informele economie nog steeds een perfecte voedingsbodem is voor ondernemersgedrag, overigens vaak vergezeld door barre arbeidsomstandigheden en armoede. 

Thans treffen we ondernemerschap vooral aan in het snelgroeiende aantal kleine en middelgrote bedrijven, die actief zijn in bijna alle sectoren van de economie. In Nederland zijn er bijna 1.782.000 bedrijven met één tot 10 werknemers. Samen hebben ze ongeveer 2,3 miljoen werknemers (inclusief de ondernemende eigenaren). Daarnaast zijn er 70.000 bedrijven met meer dan 10 werknemers, die samen banen bieden aan ongeveer 6,6 miljoen werknemers, waarvan nog maar een fractie als ondernemer kan worden betiteld (alle gegevens zijn afkomstig van het Centraal Bureau voor de Statistiek).

Ondernemerschap wordt geassocieerd met gedrevenheid, doorzettingsvermogen en passie en heeft bijgevolg een grote potentiële waarde voor groei en ontwikkeling. Zoals hieronder blijkt wordt dit potentieel maar ten dele benut.

Ondernemerschap binnen het bedrijf

Elk jaar verzamelt Gallup wereldwijd gegevens over de betrokkenheid van medewerkers en managers van bedrijven met meer dan 50 werknemers. Deze worden getypeerd als ‘actief-betrokken’, ‘actief niet-betrokken’ en ‘passief niet-betrokken’. De onderstaande tabel geeft een overzicht, waaruit blijkt dat in elk land slechts een minderheid ‘actief-betrokken’ is. Betrokken betekent dat medewerkers en managers enthousiast zijn over hun werk, hun collega’s, hun bedrijf prijzen en zich niet druk maken als ze over moeten werken. 

Percentages actief betrokken (groen), passief niet betrokken (grijs) en actief niet betrokken (zwart) van werknemers in verschillende delen van de wereld. Gallup, State of the Workplace, 2017

Gebrek aan betrokkenheid hangt sterk samen met het feit dat de meeste banen nog steeds gekenmerkt zijn door eenvoudige werkzaamheden, maar ook met de managementstijl van de bazen. Dit blijkt ook uit het grote arbeidstevredenheid onderzoek in Nederland, uitgevoerd door Frits Galle en zijn collega’s van training- en adviesbureau PER4MANCE.

Nederlanders zijn over het algemeen ontevreden over hun baas.

62% van alle werknemers heeft geen of nauwelijks werkplezier; 22% gaat met tegenzin aan het werk en verlangt op maandagochtend al naar het volgende weekend. 11% noemt de manager een dictator. Vaak zijn managers niet geïnteresseerd in de werknemers, ze missen inspiratie en communiceren kort en direct. Alles moet plaatsmaken voor het bereiken van de doelen. Dit is echter contraproductief, omdat werknemers onder dwang hun inspanningen tot een minimum beperken.

Het is duidelijk dat bedrijven graag de betrokkenheid van hun werknemers willen vergroten.

Wereldwijd besteden ze dan ook miljarden aan dit doel en aan managementopleidingen om dit te ondersteunen. Zonder veel resultaat.

De verkeerde analyse: geen betrokkenheid maar passie.

Volgens John Hagel volgen slaan managers de plank mis door zich te concentreren op betrokkenheid. Na een studie van personen die uitzonderlijk productief zijn in een breed scala van beroepen, concludeerde hij dat hetgeen deze gemeen hebben de passie van een ontdekkingsreiziger is. Luister naar John die dit in een korte video uitlegt:

Passie betekent niet dat deze mensen overmatig begaafd, ijverig, hardwerkend of slim zijn. In plaats daarvan zijn ze vastbesloten om hun doel te bereiken, ze worden enthousiast als ze tegen uitdagingen aanlopen en ze zoeken naar samenwerking met anderen met dezelfde passie (zie onderstaande afbeelding).

Passie is in veel opzichten de motor van ondernemend gedrag.

De passie van de ontdekkingsreiziger. Bron: Deloitte University Press

Het verschil tussen betrokkenheid en passie is duidelijk. Het eerste is een houding en vereist geen speciale kennis of vaardigheid. De tweede is verbonden met competenties. Om betrokkenheid te creëren, moeten werkgevers respect tonen, beter luisteren en de werkomstandigheden verbeteren. Als gevolg hiervan zullen de meeste werknemers harder werken en zal de productiviteit van het bedrijf stijgen. Echter zonder dat de competenties van de betrokkenen verbeteren. 

De drie bovengenoemde componenten van gepassioneerd gedrag – het bereiken van doelen, getriggerd worden door uitdagingen en samenwerking zoeken – zijn het resultaat van een groei- en leerproces en ze vereisen een ondersteunende organisatiestructuur en -cultuur.

Helaas is het aantal medewerkers met passie nog lager dan het aantal betrokken medewerkers. Uit het laatste onderzoek naar gepassioneerde medewerkers in de VS blijkt dat ten hoogste 13% van het personeel (inclusief managers) elk van de drie bovengenoemde kenmerken bezit. 39% beschikt over een of twee daarvan. 64% van alle werknemers en managers van organisaties in de VS zijn noch betrokken noch gepassioneerd, of met andere woorden, ze missen de essentie van ondernemend gedrag.

Dit gebrek aan ondernemerschap of intrapreneurship is heel begrijpelijk. Bedrijven in de 20ste eeuws bedrijven hebben hun productie georganiseerd volgens de principes van schaalbare efficiëntie met een bijbehorend systeem van planning en controle, top-down beoordeling op basis van prestatie-indicatoren (KPI’s) en regelmatige rapportage aan de eerstvolgende baas in de hiërarchie. Bijgevolg is ruimte voor initiatief beperkt, en wordt dit evenmin verwacht en gewenst.

Ondertussen verandert de wereld snel. Kennis is wijdverbreid en is niet langer het exclusieve bezit van kleine groepen wetenschappers aan universiteiten en R & D-centra. Bedrijven die goed geprogrammeerde en gecontroleerde productiesystemen hebben opgezet, moeten daarom radicaal veranderen. Betrokken werknemers alleen zijn niet voldoende.

Wat nodig is zijn ondernemende werknemers met een aanzienlijke mate van autonomie.

In plaats van dat werknemers in silo’s worden opgeborgen, moeten ze flexibele, interdisciplinaire teams vormen met een grote mate van zelfbestuur én ondernemend gedrag. Van belang zijn verder minder grote verschillen in beloning, actieve promotie van (open) innovatie en mogelijkheden om buiten het bedrijf samen te werken.

Omdat slechts een beperkt aantal bedrijven aan deze voorwaarden voldoen overwegen veel gepassioneerde werknemers een ​​eigen bedrijf te starten. Overigens mede om zich op het goede moment weer te laten inlijven door een andere onderneming, die hen – behalve veel geld – tevens ruimte biedt voor continu leren en innoveren. Veel gepassioneerde werknemers behouden echter liever hun onafhankelijkheid. Ik kom hier later op terug.

Hieronder ga ik in op de vraag hoe bedrijven passie – en daarmee intrapreneurship – kunnen stimuleren. 

Zelforganisatie en ondernemerschap

Er zijn sterke argumenten voor zelforganisatie en -bestuur door werknemers, denk maar aan het boek Reinventing Organisations van Frederic Laloux. Toch is er weinig onderzoek gedaan naar de relatie tussen zelfmanagement, ondernemersgedrag en prestaties.

Het recent gepubliceerde HOW-rapport heeft hier verandering in gebracht.

Het rapport onderscheidt drie soorten organisaties: In de meeste staat ‘resultaten behalen’ centraal (62%). Daarnaast zijn er organisaties op basis van ‘doen wat de baas zegt’ (30%) en organisaties op basis van ‘medewerkerszelfbestuur’. Het aandeel van deze laatste groep steeg van 3% in 2012 tot 8% in 2016.

Onderzoek in 17 landen (waaronder Nederland, Duitsland, de VS, India, Rusland, China en Japan) toonde aan dat de bedrijven op basis van zelfbestuur beter presteerden (zie onderstaande figuur). 

Verschillen in prestaties van zelfbestuurde organisaties (rood), ‘traditionele organisaties’ (zwart) en organisaties op basis van gehoorzaamheid (grijs). Bron het HOW report

Het rapport heeft ook onderzocht waarom medewerkers van dit type organisaties zich onderscheiden. Dit blijkt te zijn: Meer onderling vertrouwen, bereidheid om risico’s te nemen, viering van succes als collectieve prestatie, samenwerken, inspringen voor elkaar, informatie delen en afkeuren van ‘groupthink’. Deze kenmerken zijn nauw verbonden met de structuur en cultuur van de organisatie, met leren en in het gedrag van leidinggevenden. De vraag is hoe je zo’n organisatie kunt worden. Het Deloitte-rapport Work environment redesign, geschreven door John Hagel, John Seely Brown en Tamara Samoylova, past ontwerpprincipes toe om deze vraag te beantwoorden. Een korte samenvatting van dit rapport kan hier worden gedownload.


Ethisch leiderschap

Het onderzoeksbureau achter het HOW-rapport – Legal Research Network – ondersteunt bedrijven die de ethische grondslagen van het gedrag van werknemers en mede daardoor de morele basis van het bedrijf of de organisatie willen versterken. 

De onderstaande video is een inspirerend interview met de oprichter van dit bureau over moreel gedrag van bedrijven en ethisch leiderschap.


Starters: ondernemerschap voor velen

Elk jaar starten wereldwijd miljoenen mensen een eigen bedrijf. Alleen al in de VS geven ongeveer 2 miljoen werknemers jaarlijks goedbetaalde banen op. Het aantal zzp’ers in de VS bedraagt ongeveer 17 miljoen.

De termen starter en startup lopen vaak door elkaar wat tot verwarring leidt.

De passie van een startup is om een ​​veelbelovende technologische innovatie te commercialiseren en snel te groeien op internationaal niveau. Daarom moet dit soort bedrijven substantieel kapitaal vinden en er zijn meestal meer medewerkers in dienst.

Voor de meeste starters is de passie het hebben van een eigen bedrijf dat hen in staat stelt in hun levensonderhoud te voorzien. In Nederland hebben zich in 2018 127.000 starters ingeschreven bij de Kamer van Koophandel. De snelst groeiende starters zijn uitzendbureaus, restaurants, kinderdagverblijven, cafés, maatschappelijk werk en consultancy . Slechts 200 (0,16%) voldoen aan de criteria voor een startup en hoogstens 10% van de startups is uiteindelijk succesvol.

Succesvolle startups zijn motoren van groei en innovatie. Elk jaar geeft het Global Startup Ecosystem Report,gepubliceerd door het Global Entrepreneurship Network (GEN), een beeld van de ontwikkeling en groei van startups. Het rapport is gebaseerd op onafhankelijk onderzoek en gegevens van meer dan een miljoen bedrijven in 150 steden. Een ander recent rapport Startups: Job groeimotor in Nederland geeft een uitstekend beeld van de identiteit, de groei en het potentieel van de 4.311 Nederlandse startups.

Wereldwijd zijn startups verantwoordelijk voor het grootste deel van de economische groei en de toename van nieuwe banen.

De gestage groei van startups compenseert de verliezen in werkgelegenheid in de rest van de economie. De Nederlandse startups hebben de afgelopen twee decennia meer dan 100.000 banen gecreëerd. 20.000 van deze banen dateren uit de afgelopen twee jaar. 36% van de Nederlandse startups is een online marktplaats of e-commerceplatform, 30% een softwareprovider (meestal software-as-a-service), 20% ontwikkelt hardware en 7% is biotechnisch. 55% van alle Nederlandse startups heeft minder dan 10 werknemers. Voorbeelden van succesvolle bedrijven in Nederland die als startup zijn begonnen zijn ASLM, Booking.com en Bol.com.

Techleap.nl (voorheen Startup Delta) is een door de overheid gefinancierde non-profit organisatie, die de ontwikkeling van startups helpt versnellen met programma’s en initiatieven die de toegang tot kapitaal, markt en talent verbeteren.

Wereldwijd hebben startups tussen 2016 en 2018 een waarde van $ 2,8 biljoen gecreëerd. Concentraties van startups zijn verspreid over de hele wereld, zij het in een zeer ongelijke mate. Silicon Valley is verreweg de grootste concentratie, maar in ten minste 30 steden (hieronder vermeld) groeit het aantal startups aanzienlijk en dat geldt ook voor de investeringen in deze bedrijven.

De top 30 van de concentraties van startups wereldwijd Bron: Global Startup Ecosystem Report

Amsterdam Startup Delta

Volgens het Global Startup Ecosystem Report is Amsterdam Startup Delta in 2018 is de regio met de grootste stijging op de ranking. 34% alle Nederlandse startups is hier te vinden. Deze toename is het gevolg van een sterke groei in financiering, startup-output en (‘exit’)waarde, evenals sterke prestaties in life sciences en deep technology. Bovendien vonden er twee IPO’s van meer dan twee miljard dollar plaats: Adyen (een fintech-bedrijf met een actuele beursnotering van bijna $ 23 miljard) en Elastic (een databedrijf dat nu wordt gewaardeerd op meer dan $ 6 miljard).


De onderstaande grafiek geeft een overzicht van de toe- en afname van de financiering in de startfase van startups wereldwijd voor verschillende sectoren in vergelijking tot de groei van de (‘exit’)waarde van de bedrijven, ook gedurende de afgelopen vijf jaar.

Startup sub-sector levenscyclus. Bron: Global Startup Ecosystem Report
Incubatoren en acceleratoren

Elk jaar worden er wereldwijd duizenden startups opgericht, maar slechts een op de tien wordt een succes.

Startups hebben ondersteuning nodig om te overleven. Deze komt van incubatoren en acceleratoren (versnellers).

Het is boeiend om een ​​kijkje te nemen in de wereld van incubatoren de acceleratoren. UBI Global publiceerde onlangs haar tweejaarlijkse beoording, die kan worden gedownload van haar website. 364 programma’s zijn beoordeeld. Er wordt onderscheid gemaakt tussen incubatoren en acceleratoren die verbonden zijn aan universiteiten, steden en particuliere instellingen.

In elke categorie wordt een verder onderscheid gemaakt tussen de winnaar en de top 5, 10 en 25; er is dus geen ranking. Hieronder richt ik me op de grootste categorie, universitair-gerelateerde incubatoren. Opgemerkt moet worden dat de absolute top ontbreekt, omdat instellingen zich moeten aanmelden om te worden beoordeeld. Een instelling als Stanford University in Silicon Valley voelt hiertoe begrijpelijkerwijs geen noodzaak.

Bovenaan de ranglijst van 2019 (net als bij eerdere gelegenheden) staat SETsquared Partnership. Dit is een samenwerking tussen vijf universiteiten in het zuidelijke deel van Engeland: Bath, Bristol, Exeter, Southampton en Surrey: Deze incubator voert in vier taken uit: (1) ondersteunen en huisvesten van startende bedrijven, (2) studenten oriënteren op ondernemerschap, (3) onderzoekers helpen commercieel gebruik te maken van hun bevindingen, onder meer via een uitgebreid platform voor open innovatie en (4) bemiddelen bij financiering. Zoals bij de meeste incubatoren het geval is stopt de ondersteuning niet bij een succesvolle start; er is een versnellingsprogramma (accelerator) dat bedrijven begeleidt bij hun verdere groei. Opmerkelijk is dat 90% van alle ondersteunde startende ondernemingen (niet per se startups) succesvol is.

Van de 89 Nederlandse incubators en accelerators (31 in Amsterdam) behoren er twee tot de eerste tien in de UBI-ranglijst: Yes! Delft en UtrechtInc. Andere prominente Nederlandse incubatoren en acceleratoren zijn Startupbootcamp (Amsterdam), Rockstart (Amsterdam), Collider (Amsterdam) en HighTechXL (Eindhoven).


Startup bootcamp (SBC)

Startup bootcamp is een internationale organisatie die versnellingsprogramma’s van drie maanden aanbiedt voor verschillende sectoren zoals financiën, handel en fintech in onder andere Amsterdam, Melbourne, Dubai en Milaan. Doelgroep zijn geselecteerde bedrijven en het programma biedt hen toegang tot een wereldwijd netwerk van experts, mentoren, investeerders en eventuele partners.  Bovendien zijn er masterclasses op topniveau, mogelijkheden om te pitchen en netwerkevenementen en wordt voorzien in huisvesting voor het bedrijf en € 15K om de kosten van levensonderhoud te dekken, in ruil voor 8% aandelenbezit.

Onderstaande video laat je kennismaken met de leden van het Amsterdamse SBC Commerce Class van 2019, die vertellen waarmee ze bezig zijn en wat deelname aan het bootcamp voor hen heeft betekend. 


De beoordeling van incubatoren en acceleratoren levert een beeld op van hun kritieke succesfactoren:

(1) goede professionele en commerciële begeleiding, die (2) meebeweegt met de levensfase van het bedrijf (3) met een sterk gevoel voor klantbehoeften en innovatie (4) ) een relatie met wetenschappelijke velden waarvan vooraanstaande wetenschappers bereid zijn startups en spin-offs te begeleiden; (5) scouting in de eigen universiteit van te commercialiseren potentiële kennis en (6) niet in de laatste plaats eigen financieringsmogelijkheden of actieve bemiddeling bij kapitaalverstrekkers.

Ondernemerschap en de stad

In het laatste deel ga ik verder waar ik in het eerste deel gebleven ben: De rol van de stad en de gemeentelijke overheid. Bloeiende onderneming in alle soorten en maten zijn tezamen met (onderwijs)instellingen een noodzakelijke voorwaarde voor steden om hun bewoners banen en inkomen te verschaffen.

Het stadsbestuur speelt een belangrijke mogelijk maken van economische groei en teven de afstemming daarvan met natuur, gezondheid, wooncomfort en andere eigenschappen van de kwaliteit van leven. 

Steun aan starters

Vanuit een perspectief van economische groei zijn startups relatief belangrijker dan starters in het algemeen, die gewoonlijk slechts één persoon in dienst hebben, maar wel groot in aantal zijn.

In veel landen bieden de Kamers van Koophandel bescheiden ondersteuning en mijn indruk is dat meer ondersteuning de positie van starters in vergelijking met die van startups sterk kan verbeteren.  In het geval van starters zijn steden in de eerste plaats geïnteresseerd in detailhandel, handel en ambachtelijke bedrijven die zich in centrale delen bevinden en dus een bredere impact hebben. 


Startup in residence-programma

Het Startup in Residence-programma stelt startups en scale-ups in staat belangrijke sociale uitdagingen voor het openbaar bestuur op te pakken. Het begon in Amsterdam; nu bieden ongeveer 20 andere Nederlandse steden, provinciale overheden en ministeries ook programma’s aan. Het programma staat open voor Nederlandse en buitenlandse ondernemers. Het biedt intensieve training en ondersteuning door professionele coaches. Ook is werkruimte beschikbaar. Onder bepaalde omstandigheden worden de lokale, regionale en nationale overheden ‘launching customer’ of partner.

Onlangs is een rapport gepubliceerd over de impact die het Startup in residence programma de afgelopen vijf jaar heeft gehad. 

Overzicht van het Amsterdamse startup in residence’ programma

Verwijzend naar rapporten van de Europese Unie lijkt één beleidsinstrument in het bijzonder de groei van startups te ondersteunen en dat is financiering. Seoul begreep dit en in 2012 steunde de stad de oprichting van de Dream Bank, een stichting zonder winstoogmerk die door de Koreaanse banksector wordt gefinancierd om de Koreaanse startups via één loket financiële steun te bieden.

Echter, Het Global Startup Ecosystem Report 2019 laat zien dat overheden startups met veel meer kunnen helpen dan met financiering alleen.  

Het onderstaande overzicht toont de mogelijkheden, geordend naar de mate waarin deze worden gebruikt. Financiering staat bovenaan, maar andere terreinen zijn het aanbieden van specifieke organisaties en programma’s zoals incubatoren en acceleratoren, de toelating van briljante buitenlandse wetenschappers en ondernemers, inclusief competente vluchtelingen, ondersteuning bij de export enzovoort. Hoe lager op de lijst, hoe minder de frequentie de genoemde acties voorkomen en des te groter de mogelijkheid van comparatief voordeel is.

Maatregelen om de vestiging van startups te ondersteunen. Bron: Global Startup Ecosystem Report
Fablabs

‘Makers’ zijn zoals eerder vermeld een specifieke categorie starters, die soms een startup worden. Aanvankelijk hebben ze nauwelijks de mogelijkheid om nieuwe producten te ontwikkelen.  In de VS en Canada bieden steeds meer openbare bibliotheken faciliteiten daarvoor. De Edmonton-bibliotheek (Canada) heeft een laboratorium opgezet waarin 3D-printers zijn geïnstalleerd en krachtige computers met allerlei ontwerpsoftware beschikbaar zijn. Veel andere steden volgen dit voorbeeld door fablabs op te zetten. Dit zijn werkplaatsen waar (startende) ‘makers’ gebruik kunnen maken van uiteenlopende hulpmiddelen.

Incubators en acceleratoren

Het beste wat elke stad kan doen, is actieve participatie aan een of meer incubatoren en acceleratoren, bij voorkeur in samenwerking met universiteiten en regionale bedrijven. Incubatoren zijn een one-stop-shop die alle vormen van ondersteuning bieden die in de bovenstaande tabel worden genoemd.

Binnen een incubator zou het stadsbestuur de eerste verantwoordelijke partij kunnen zijn voor juridische zaken, aanbieden van werkruimten (aanvankelijk gratis en later tegen aantrekkelijke tarieven) en inkoop.

Een groeiend aantal steden en hun aangrenzende regio’s hebben zogenaamde ‘Economic Boards’ opgezet. De Amsterdam Economic Board is bijvoorbeeld een platform voor regionale bedrijven, onderwijsinstellingen en andere instellingen, die onder andere actief de verbinding tussen grotere bedrijven en startups aanmoedigen.


Samenwerking tussen grote bedrijven en startups

In de VS fungeert een toenemend aantal organisaties, bijvoorbeeld Techstarsde Vault en Plug and Play als innovatienetwerken of -platforms waar startups, verstrekkers van risicokapitaal en bedrijfsinnovatieteams – bijvoorbeeld van Target, Panasonic, Coca-Cola, Allianz en Honeywell – samenwerken bij de ontwikkeling van nieuwe producten en diensten.

Volgens Bill O’Connor, die de Vault Innovation Academy runt, waarmee startups en bedrijven worden ondersteund, kunnen grote organisaties nu sneller en effectiever gebruikmaken van netwerken van ondernemers, technologie en disruptieve bedrijfsmodellen dan ooit tevoren.


Revitalisatie van steden

Stimuleren van de groei van starters in het algemeen en startups in het bijzonder moet waar mogelijk gepaard gaan met het vergroten van hun zichtbaarheid. Gelukkig maakt een beleid van strikte zonering van stedelijke activiteit plaats voor het creëren van gemengde gebieden, waar mensen wonen, leren en – waar mogelijk – werken. In stadscentra en buurtwinkelcentra sluiten veel winkels en dit maakt het mogelijk om de lege ruimte te gebruiken voor een uiteenlopende niet-conflicterende andere bestemmingen tegen redelijke huurprijzen

Om steden aantrekkelijker te maken voor startups, inclusief buitenlandse, is echter meer vereist. De korte video hieronder laat zien hoe de aanwezigheid van letterlijk alles – bedrijven, collega’s, concurrenten, klanten, vergadermogelijkheden, universiteiten, bars, restaurants, immigranten en zon – heeft bijgedragen aan de weergaloze groei van het aantal startups in Tel Aviv en hun succes. Deze voorwaarden kunnen niet worden gedupliceerd, net zomin als Silicon Valley kan worden gekopieerd. Maar het wijst erop dat de groei van het aantal startups niet van slechts een factor afhankelijk is.


De passie van de uitvinder laten ontkiemen

Meer jongeren dan voorheen voelen zich aangetrokken tot ondernemerschap, meer in het bijzonder het ontwikkelen van nuttige goederen, diensten of beide. Lange tijd gaven scholen prioriteit aan het werken met het hoofd in plaats van met de handen. Deze korte video laat zien hoe een groeiend aantal scholen de waarde van het maken van dingen heeft herontdekt en zo de weg heeft geopend naar een ondernemende of anderszins creatieve toekomst.


Campussen

Steden moeten bedrijven die op zoek zijn naar een geschikte locatie goed in de gaten houden. Innovatieve bedrijven moeten absoluut prioriteit krijgen en vooral voor deze bedrijven is een campuslocatie aantrekkelijk. Een campus biedt ruimte aan verscheidene bij voorkeur complementaire bedrijven, groot en klein, en biedt faciliteiten om samen te werken met wetenschappers. Een campus kan gemakkelijk worden geïntegreerd in woongebieden en voorzieningen zoals parken en vijvers. De Eindhoven High Tech Campus is een voorbeeld bij uitstek. De onderstaande video geeft een beeld van het leven en werken op deze campus.


Amsterdam Smart City

Co-locatie van aanvullende startups en andere bedrijven is gunstig, maar gezien het grote aantal bedrijven niet altijd mogelijk. Een belangrijke stap is daarom het creëren van een (virtuele) community, zoals Amsterdam Smart City. Dit is een platform voor startende ondernemers, zelfstandigen, vrijwilligers waarvan de diensten, producten van expertise worden gezocht en gemobiliseerd door grotere bedrijven en non-profit organisaties.


Een humane benadering van ondernemerschap

Passie is waarschijnlijk een van de belangrijkste drijfveren, die bijdragen de vervulling van ons leven. Passie kan ook ten grondslag liggen aan ondernemerschap en intrapreneurship, en een motor van welzijn en welvaart worden

In dit essay heb ik de verdwijning van ambacht in West-Europese steden gememoreerd tijdens de industriële revolutie. Tegenwoordig zijn de meeste mensen in westerse landen werknemer, hoewel het aantal kleine en middelgrote bedrijven groeit. Er is veel ruimte voor ondernemerschap, en de toename van het aantal startups illustreert dit. Zoals in het artikel wordt benadrukt, kunnen ook grotere bedrijven het mogelijk maken dat werknemers ondernemer – intrapreneur – worden. Lange tijd was daar geen sprake van. Industriële productie werd geleid door strategische plannen, vertaald in gedetailleerde opdrachten voor werknemers. Door middel van hiërarchische controlemechanismen werd vastgesteld of medewerkers de opgedragen rollen naar wens vervulden. Arbeid verloor zijn intrinsieke waarde en werd uitsluitend een aanleiding voor financiële beloning. Zo verdween betrokkenheid en passie op de werkplek.

Snelle maatschappelijke veranderingen maken nieuwe arbeidsrelaties nodig. De slimste organisaties zijn begonnen zichzelf opnieuw uit te vinden en geven ruimte aan ondernemerschap én zelfbestuur door de werknemers. 

Joseph Stiglitz heeft gewaarschuwd dat de creatieve kracht van ondernemerschap makkelijk omslaat in een destructieve. Een ‘maker’ wordt een ‘taker’ zodra waarde creëren wordt gereduceerd tot de groei van financiële waarde. Dit kan gebeuren wanneer bedrijven groeien en de passie en van de oprichter wordt vervangen door groei, winstgevendheid, maximalisatie van aandeelhouderswaarde en beloning van het management

Ook startups lopen het risico dat hun oorspronkelijke passie voor het maken van waardevolle producten omslaat naar het primaat van groei en hebzucht. De grootste startups ter wereld, Amazon, Google en Facebook, zijn hiervan sprekende voorbeelden. Ik heb geen idee waar de snelgroeiende Nederlandse startups zich op het continuüm tussen creatie en destructie bevinden. De hoogte van de inkomsten die de oprichters zichzelf toestaan ​​- is wellicht een indicatie.

Hieronder vat ik de essentie van een humane benadering van ondernemerschap samen


Beginselen voor een humane benadering van ondernemerschap

1. Iedereen die betrokken is bij het aanbieden van werk, moet uitgaan van het fundamentele inzicht dat de uiteindelijke doelen van werk zouden moeten zijn persoonlijke tevredenheid het leveren van een bijdrage aan welzijn en rechtvaardige welvaart.

2. Om meer ondernemend te worden, heeft intrapreneurship meer impact dan het ondernemersgedrag van managers ‘aan de top’ van bedrijven en organisaties.

3. De meest effectieve manier om ondernemerschap te ontwikkelen, is door starters in staat te stellen zich als ondernemers te gedragen.

4. Ondernemersgedrag is een van de meest effectieve drijfveren voor welzijn en welvaart zolang het streven naar nieuwe producten en diensten naast dat naar een redelijk inkomen wordt geleid door ethische en duurzaamheid-gerelateerde principes.

5. Voor betrokkenheid van werknemers te verhogen zijn arbeidsverhoudingen gebaseerd op vertrouwen, respect en flexibiliteit onmisbaar. Om passie mogelijk te maken, moeten de arbeidsverhoudingen ook gebaseerd zijn op (psychologisch) eigendom, uitdaging en autonomie, inclusief gedistribueerd leiderschap.

6. Hiërarchische organisaties staan haaks op de democratisering van kennis en vervreemden zich van de werknemers.

7. Het ultieme bewijs dat organisaties met zelfbestuur beter gebruik maken van menselijke hulpbronnen dan hiërarchische organisaties is dat zij in alle opzichten beter presteren.

8. Steden moeten contacten met bedrijven en organisaties institutionaliseren om permanente discussie over en experimenten met betrekking tot de humanisering van arbeidsrelaties, zelfbestuur en leren te doen ontstaan.

9. Gemeentebesturen kunnen een voorbeeld geven van verbetering van de arbeidsrelaties door zelfbestuur en intrapreneurship in hun eigen organisatie te ondersteunen.

10. Gemeentebesturen kunnen helpen om de ondernemerskwaliteiten van starters en startups te verbeteren, als onderdeel van hun bijdrage aan incubatoren en acceleratoren, samen met kennisinstellingen, bedrijven en andere organisaties.

11. Het stadsbestuur moet zich maximaal inzetten om betaalbare locaties voor starters, startups, bedrijven en campussen mogelijk te maken. Hiermee wordt tevens een bijdrage geleverd aan de versterking van de stedelijke structuur en wordt de milieukwaliteit behouden en verbeterd.

12. De oprichting van fablabs, adviesdiensten en betaalbare werkruimten zijn een steun in de rug voor burgers die starter willen worden.

Auteur: Herman van den Bosch

Ik ben hoogleraar aan de Open Universiteit en hou me bezig met regionale ontwikkeling, innovatie en leren. Ik ben bovendien curator van Amsterdam Smart City. Ik zie het streven van steden om smart city te worden in samenhang met duurzame welvaart, rechtvaardigheid en welzijn. Daarom spreek ik bij voorkeur over inclusieve groei

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s