Tag Archives: ICT

PlanIT Valley: De slimste stad die nooit gebouwd is

12 Jan
The-emerald-city2

Emerald City

Het verleden kent veel stedelijke utopieën. Een recente is PlanIT Valley, een gedroomde ‘smart city’ in Portugal bij Porto. Mijn interesse was gewekt vanaf het eerste moment dat ik ervan hoorde, ondanks mijn scepsis tegenover ‘smart cities’ die uit het niets moeten verrijzen{1].  De mensen achter het plan – Steve Lewis in de eerste plaats – geloofden dat hun ‘Emerald City’ het verschil zou maken: neutrale gebouwen dankzij een uitgebreid sensornetwerk, lagere bouwkosten door nieuwe bouwtechnieken en autonome auto’s om duurzaam verkeer mogelijk te maken. Hun droom leek oprecht, in tegenstelling tot soortgelijke claims van grote technologiebedrijven als IBM, Cisco en Siemens[2], die in de eerste plaats voor het snelle geld gaan: Smart city play is a $36 billion business opportunity in de woorden van Cisco’s vice president of strategy Inder Sidhu[3].

Grootse visie

Steve Lewis (voormalig marketingmanager bij Microsoft) en Malcolm Hutchinson namen de moeilijke weg, die zeker niet zou leiden tot het snelle geld. Volgens hen hangt de haalbaarheid van een duurzame stad af van een geïntegreerde aanpak. Daartoe hebben ze in hun startup Living PlanIT een modulair software-platform ontworpen, het Urban Operating System (UOS). Het UOS verzamelt informatie afkomstig van sensoren en geeft deze door aan systemen die verlichting, verwarming, koeling, afvalverwerking en luchtbeheersing beheren. Deze systemen zouden door andere bedrijven gebouwd moeten worden[4]. Kijk hier voor het technische ontwerp[5].

Steve Lewis reisde de wereld rond om zijn ideeën uit te dragen en er steun voor te vinden. Uiteindelijk belandde hij in Portugal. Hier ontmoette hij Celso Ferreiro, de ambitieuze burgemeester van Parades, die met het idee rondliep om een ​​fabriek te openen voor de productie van elektrische auto’s (het was 2008!). In Lewis’ onbegrensde verbeeldingskracht werd dit idee al snel een ‘electric automotive city’ zoals Wolfsburg of beter nog een Portugese Silicon Valley. Het idee van een nieuwe stad, die uiteindelijk 250.000 inwoners moest tellen – genaamd PlanIT Valley – was geboren. De burgemeester van Parades was zeer coöperatief en bood bouwgrond aan tegen uiterst gunstige voorwaarden[6].

screenshot 6

Voor Steve Lewis was dit project een eenmalige kans om het UOS te testen en te verfijnen. Tientallen jonge en idealistische geeks sloten zich bij het bedrijf aan trokken in een leegstaand huis nabij een golfcomplex in de buurt van Parades. Hun inkomsten bestond uit aandelen in Living PlanIT, kost en inwoning. In deze zeer hechte gemeenschap werd hard gewerkt om het masterplan van ‘Emerald City’ te ontwikkelen, samen met de in Londen gevestigde Chief Technology Officer John Stenlake.

Samenwerking

Ondertussen bleef Steve Lewis overal ter wereld zijn denkbeelden verkondigen en steun zoeken voor de ontwikkeling van PlanIT Valley. Succes en teleurstelling wisselden elkaar daarbij in sneltreinvaart af. Autobouwer McLaren stelde controle- en datatechnologie beschikbaar, het bouwbedrijf BuroHappold was enthousiast over het idee en was bereid om de stad te bouwen als de financiering rond was. Het idee was dat de eerste bewoners zouden werken in R & D-centra van technologiebedrijven en Cisco toonde serieuze interesse. Een gespecialiseerde bank leende het geld om 1.670 hectare te verwerven, nodig om de eerste fase van de stad te ontwikkelen. Helaas was niemand bereid om de daarvoor vereiste 19 miljard dollar te investeren.

planit-valley

De ontwikkeling van het masterplan van PlanIT Valley en een werkend concept van het UOS kostte meer tijd dan verwacht, wat de partners frustreerde. In de tussentijd ruzieden de Portugese architect Pedro Ballonas met het bouwbedrijf BuroHappold over de uitvoerbaarheid van de plannen en het gebrek aan betrokkenheid van toekomstige bewoners. Toen het masterplan eindelijk klaar was, was het buitengewoon vaag en een businessplan ontbrak volledig.

In de visie van Lewis zouden de inkomsten moeten komen uit licenties voor het gebruik van het UOS. De belangstelling op de markt hiervoor was gering. Steden hadden weliswaar belangstelling voor het gebruik van technologie bij de aanpak van hun problemen, maar ze voelden niets voor de installatie van integrale systemen zoals de UOS. Sören Kvist, projectmanager bij Copenhagen Solutions Lab maakte duidelijk vooral geïnteresseerd te zijn in oplossingen voor specifieke problemen – vuilnis, straatverlichting, parkeren, wateroverlast, en zo voort – in plaats van in een groot, stedelijke software platform. Chris Roberts, adviseur van de deelgemeente Greenwich, was nog meer uitgesproken: We zijn alleen maar geïnteresseerd in ICT als daarmee het leven van de burgers kan worden verbeterd.

Kleine acties

Ondertussen raakte de Londense vestiging van Living PlanIT betrokken bij een aantal kleinschalige projecten waarbij het UOS deels zou kunnen worden ingezet. Het betrof de renovatie van London City Airport, een klein vliegveld voor zakelijke vluchten[7]. Samen met het Japanse technologiebedrijf Hitachi werd een nieuwe reizigerservaring ontworpen, uitgaande van de mogelijkheden van het UOS. Het restylen van een winkelcentrum in Birmingham was een ander project. Hier heeft het UOS gezorgd voor een integratie van het gebruik van de smartphone en fysiek winkelen door klanten gepersonaliseerde koopjes aan te bieden op het moment dat ze langs bepaalde winkels lopen. Rosemary Lokhorst, een medewerker van Living Planit, is in Almere[8] betrokken geweest bij een verlichtingsproject in samenwerking met Alliander, een Nederlands elektriciteitsbedrijf.

PlanIT_Valley_Image_BM_3

De Portugese ‘tak’ bleef het masterplan verfijnen, maar Steve Lewis werd er steeds meer van verdacht zijn strategie te hebben gewijzigd en zijn interesse in PlanIT Valley te hebben verloren. Veel van de teamleden vertrokken ontgoocheld. De vooruitzichten om PlanIT Valley te bouwen vervaagden geleidelijk.

Waarom PlanIT Valley nooit is gebouwd

In hun reeds vermelde boek, noemen Amy Edmondson en Susan Salter Reynolds drie voorwaarden die cruciaal zijn voor de realisatie van grootschalige projecten als het onderhavige: grootse visie, hechte samenwerking en kleine acties.

Grootse visie was nooit het probleem. Steve Lewis zei dat hij meer dan één miljoen ideeën per dag had. Hij faalde met betrekking tot de realisering van samenwerking. Hij is er niet in geslaagd een hecht team te creëren van bedrijven die de collectieve ambitie deelden en die over de middelen beschikten om deze te realiseren. Tegelijkertijd moet worden gezegd dat het smeden van zo’n team geen gemakkelijke opgave was. Alle betrokken partijen (IT, onroerend goed, bouw, financiën en overheid) leefden elk in hun eigen werelden, die vaak botsten. Zonder kleine acties zoals hierboven genoemd, zou Living PlanIT samen met de droom van de nieuwe stad zijn verdwenen.

Moet het falen van PlanIT Valley worden betreurd?

Ik ben hier niet zeker van. Het idee om met een living lab te experimenteren met het UOS leek me aantrekkelijk. Bovendien is PlanIT Valley niet gecorrumpeerd door het zoeken naar het snelle geld zoals grote technologiebedrijven.

362026_m644

In het concept van PlanIT Valley waren overwegingen met betrekking tot technologie en stedenbouw echter uit balans. In zijn pamflet ‘Against the smart city’ (2013), benadrukt Adam Greenfield dat no designer can anticipate at inception all the potential uses to which the things they create might be put. De meeste IT specialisten hebben zijns inziens geen benul van de complexiteit van steden. Ze behandelen deze als machines. De plannen van PlanIT Valley, en die van New Songdo eveneens, miskennen the collective insight we already possess regarding how urban space actually works. This is by supporting a lively mix of uses, putting a low threshold of commitment for any one activity leaving people reasonably free to pursue some objective wherever it seems to make the most sense for them to do so.

De aantrekkingskracht van een stad is het gevolg van een langdurig proces van organische groei fuelled by a broad variety of inhabitants with mostly unrecognizable desires, interest, power and money. In plaats daarvan snoefde de ontwikkelaar van New Songdo, Gale International, dat de bewoners van deze stad gelijktijdig zouden ervaren: the skyline vistas of New York, the strolling walks of Boston, the reflections of Venice, the kinetic energies of Wall Street, the pocket parks of London…the stunning impact of Sydney’s Opera House, the street scenes of Paris153 and Soho, the polish of Park Avenue. Met andere woorden, pure illusie.

Heden ten dage spreidt het idee van ‘smart cities’ – vanuit het niets opgebouwd – zich als een lopend vuur, vooral in India en China. Dit deels om tegemoet te komen aan de snelle groei van de stedelijke bevolking[9]. Ook Bill Gates heeft 25.000 hectare grond gekocht tussen Phoenix en Las Vegas, om zijn ‘Emerald city’ – Belmont – te bouwen, een stad voor 80.000 mensen. Op het eerste gezicht een ultieme kans voor Steve Lewis om alsnog zijn plannen te verwezenlijken.

Ik vraag me echter af of Steve Lewis nog steeds geïnteresseerd is, afgezien van ziekte die hem verhindert – laten we hopen tijdelijk – om zijn werk voort te zetten. Zoals ik herhaaldelijk heb benadrukt, kan ICT een belangrijke rol spelen in de ontwikkeling van toekomstige steden, maar niet op de manier van de meeste grote technologiebedrijven[10]. Steve Lewis gaf onlangs blijk van zijn fascinatie voor edgeless computing, een manier van IT-ondersteuning, waar burgers de controle hebben in plaats van gecontroleerd te worden. Een aantrekkelijk vooruitzicht, waarop ik zeker terugkom.

[1] Ik heb de rede van deze scepcis elders toegelicht: http://smartcityhub.com/technology-innnovation/smart-beyond-technology-push/

[2] http://smartcityhub.com/governance-economy/smart-city-smart-story/

[3] https://www.fastcompany.com/1684055/city-cloud-living-planit-redefines-cities-software

[4] http://www.urenio.org/2015/01/26/smart-city-strategy-planlt-valley-portugal/

[5] Deze publicatie gat dieper in op de technische details van het UOS: [5] http://www.urenio.org/2015/01/26/smart-city-strategy-planlt-valley-portugal/

[6] In hun boek Building the future doen Amy Edmondson en Susan Salter Reynolds op zeer leesbare wijze verslag van de ontwikkeling van PlanIT Valley: https://books.google.nl/books/about/Building_the_Future.html?id=PaErCwAAQBAJ&redir_esc=y

[7] http://living-planit.com/pdf/Hitachi_Next_Generation_Airport_Service_Planning_and_Designing_2014-06.pdf

[8] https://executive-people.nl/492292/almere-op-weg-naar-een-lsquo-smart-society-rsquo.html

[9] http://smartcityhub.com/governance-economy/indias-100-smart-cities-mission-is-flawed/

[10] http://smartcityhub.com/technology-innnovation/smart-beyond-technology-push/

Advertenties

Smart cities of resilient cities. Maakt het wat uit?

4 Sep

Wereldwijd leeft 55% van alle mensen in steden en hun aantal neemt snel toe. Steden bedekken 4% van het landoppervlak, gebruiken 67% van alle geproduceerde energie en zorgen voor 70% van alle broeikasgassen.

Steden zijn niet alleen de belangrijkste economische centra van de wereld, ook hun politieke macht groeit. Waarnemers geloven dat duurzaamheid eerder zal voortvloeien uit beleid van steden dan uit maatregelen van nationale overheden. Voor sommige landen een hele opluchting!

Om hun intenties duidelijk te maken, gebruiken veel steden adjectieven als smart, resilient, sustainable, sharing en meer.

Athene resilient city

Smart city

Een inventarisatie van wetenschappelijke artikelen leverde meer dan 30 verschillende definities op van smart city.[1] De definitie van Caragliu uit 2009 is het meest geciteerd: We believe a city to be smart when investments in human and social capital and traditional (transport) and modern (ICT) communication infrastructure fuel sustainable economic growth and a high quality of life, with a wise management of natural resources, through participatory governance.

screenshot 16

Resilient city

De eerste maal dat het begrip resilience (weerbaarheid) werd gebruikt in de context van stedelijke beleid dateert van 2002. Echter, pas in 2012 begon de frequentie van de zoekopdrachten in Google naar het begrip resilient city snel toe te nemen. In tegenstelling tot smart city is het aantal definities van resilient city beperkt. Steden die zich resilient noemen, zoals Rotterdam en Den Haag, claimen dat ze het vermogen van alle inwoners, bedrijven en instellingen om zich te ontwikkelen versterken, ook als deze worden blootgesteld aan chronische spanningen en acute schokken.

Voorbeelden van chronische spanningen zijn hoge werkloosheid, overbelast of inefficiënt openbaar vervoer, aanhoudend geweld en voedsel- en watertekort. Acute schokken zijn aardbevingen, overstromingen, uitbraken van ziekten en terrorististische aanslagen.

Oorsprong en ontwikkeling van de smart city en de resilient city

De begrippen smart city en resilient city hebben verschillende wortels.

Technologiebedrijven, zoals Cisco, IBM, Siemens en Philips zijn tijdens de economische crisis het begrip smart city gaan propageren als onderdeel van hun strategie om nieuwe markten te vinden en nieuwe klanten aan te trekken.

Het gebruik van het begrip resilient city is daarentegen bevorderd door internationale organisaties en samenwerkingsverbanden van steden en drukt de wil uit zich beter voor te bereiden op gevaren zoals de orkanen Katarina in de New Orleans regio (2005) en Sandy langs de oostkunst van Noord-Amerika (2012).

screenshot 8

De bij de 100 Resilient Cities Challenge aangesloten steden

Zoals blijkt uit de bovenstaande definitie, is het begrip gevaar inmiddels opgerekt naar externe bedreigingen in het algemeen, variërend van klimaatverandering en milieuvervuiling tot armoede en congestie.

Het begrip smart city is ook geëvolueerd. Elders heb ik een onderscheid gemaakt tussen smart cities 1.0, 2.0 en 3.0[2]. Deze typering wijst op de ontwikkeling van het denken over smart cities van de inzet van ICT als een instrument om de economische groei en het concurrentievermogen te versterken naar een brede en participatieve strategie gericht op de oplossing van problemen met betrekking tot milieu, sociale gelijkheid en versterking van sociaal kapitaal in het algemeen.

De 100 Resilient Cities Challenge

De resilient city-beweging heeft in 2014 een krachtige stimulans gekregen toen de Rockefeller Foundation 100 miljoen dollar investeerde in de 100 Resilient Cities Challenge[3]. Mede door deze vorm van institutionalisering toont het beleid van de steden die zijn toegelaten tot deze beweging meer overeenkomsten dan dat van de zelf-benoemde smart cites. Het zogenaamde City Resilence Framework, speelt een sleutelrol in elke strategie van elk van de deelnemende steden.

screenshot 2

Met behulp van het City Resilience Framework kunnen steden een analyse maken van hun veerkracht op verschillende terreinen en vervolgens een strategie ontwikkelen om zwakke punten te verbeteren. Het resultaat van de analyse in Rotterdam is hieronder aangegeven[4]. Op dit moment hebben al 30 steden strategische rapporten gepubliceerd met doel om hun veerkracht in het komende decennium te vergroten. Onder hen zijn Rotterdam[5] en Athene[6], een stad die een briljant uitgewerkte actieplan heeft gepubliceerd. Een gloednieuw rapport, Cities Taking Action, geschreven ten behoeve van de onlangs gehouden Resilience Summit in juli 2017 te New York, biedt een bloemlezing van wat de 100 betrokken steden in het recente verleden hebben bereikt[7].

screenshot 7

Beschrijving van smart city en resident city convergeert

De reeds aangehaalde publicatie van Rocco Papa e.a. laat zien dat actuele omschrijvingen van smart en resilient cities vrijwel gelijke termen hanteren (zie onderstaande inventarisatie).

screenshot 9

Bijgevolg neigen sommige publicaties ertoe het begrip resilience als een kenmerk van smart cities te zien. Andere auteurs vragen zich af of het begrip resilient city voor smart city in de plaars zal komen. Ik ben geen voorstander van de assimilatie van een van deze termen door de andere. Beide concepten hebben hun eigen wortels en krijgen gaandeweg betekenis voor de betrokken burgers. Daarom kunnen ze beter als vergelijkbaar worden beschouwd, zoals dat goed wordt begrepen door een van de Internet platforms[8]. Overigens is het City Resilence Framework vanwege zijn gedetailleerde uitwerking ook voor smart cities een zeer nuttig beleidsinstrument.

Een gezamenlijke omschrijving tot slot

Zowel smart cities als resilent cities hanteren idealiter een breed instrumentarium om chronische en acute stedelijke problemen aan te pakken en te voorkomen, waarbij ICT een passende rol speelt. Zij maken het mogelijk dat alle actoren deelnemen aan de tot standkoming en de uitvoering van het beleid. Zij investeren in de groei van sociaal kapitaal door bevordering van onderwijs, werkgelegenheid, samenwerking en delen als basis van een goed bestaan voor alle burgers.

[1] Rocco Papa. Adrina Galderisi, Maria Christina Vigo Majello, Erica Saretta: Resilient cities: A systematic approach for developing cross-sectoral strategies in the face of climate change. TeMA Journal of Land Use Mobility and Environment 1 (2015)

[2] http://smartcityhub.com/collaborative-city/smart-cities-1-0-2-0-3-0-whats-next/

[3] http://www.100resilientcities.org

[4] http://lghttp.60358.nexcesscdn.net/8046264/images/page/-/100rc/Blue%20City%20Resilience%20Framework%20Full%20Context%20v1_5.pdf

[5] http://www.100resilientcities.org/wp-content/uploads/2017/06/strategy-resilient-rotterdam.pdf

[6] http://www.100resilientcities.org/wp-content/uploads/2017/06/Athens_Resilience_Strategy_-_Reduced_PDF.compressed.pdf

[7] http://100resilientcities.org/wp-content/uploads/2017/07/WEB_170720_Summit-report_100rc-1.pdf

[8] https://www.smartresilient.com

Smart cities zijn de oplossing, maar voor welk probleem?

14 Mei

Op zoek naar een antwoord op de vraag of de smart city een stad is van slimme mensen of van slimme technologie, kwam ik het verslag tegen het symposium Beware of Smart People! Redefining the Smart City Paradigm towards Inclusive Urbanism gehouden in Berlijn op 19 – 20 juni 2015[1]. Deze post is hier mede op gebaseerd[2].

De wereldbevolking groeit en concentreert zich in steden. Onnodig te zeggen dat dit – vooral in ontwikkelende landen – voor grote problemen zorgt. Tegelijkertijd concentreren bedrijvigheid en rijkdom zich eveneens binnen urbane gebieden, wat ertoe leidt dat steden elkaar op wereldniveau beconcurreren en zich – in weerwil van alle problemen – zo aantrekkelijk mogelijk positioneren.

Het begrip smart city verwijst naar een min of meer samenhangend geheel van data en digitale en andere technologieën om stedelijke problemen aan te pakken[3]

61b3f32ecf6710fae9fcf4ce8e3d83e456ccc40b

Colin McFarlane en andere deelnemers aan het symposiun zien het anders: What remains to be seen, is the extend to which the smart city agenda is anything else than another instantiation of corporate power grabs, entrenching surveillance, private control over urban management and repacking neoliberalism in the dressing of seductive technologies and reimagined municipalities and citizens[4]

De moderne stad wordt hier neergezet als een toonbeeld van marktwerking, een icoon van de consumptiemaatschappij en een plaats van ver doorgevoerde functiescheiding, sociale ongelijkheid, groeiende welvaardsverschillen en vervreemding. Toepassing van digitale technologieën wordt in deze context al snel met toezicht en machtsuitoefening geassocieerd.

Er is dan ook een heel andere visie mogelijk op wat een smart city is, namelijk een stad die ruimte biedt aan commoning: Het gezamenlijk door burgers vorm geven van de leefruimte, eerder gebaseerd op principes van deeleconomie en directe democratie dan op basis van technologie. Een vaak aangehaalde voorbeeld zijn de bewonersinitiatieven die tot een alternatieve invulling van het voormalige vliegveld Tempelhof in Berlijn hebben geleid (zie afbeelding hieronder).

screenshot 4

Een derde betekenis van het begrip ‘smart city’ is die van stedelijke utopie. Dit geldt vooral voor vanuit het niets opgebouwde steden als Songdo in Zuid Korea, Mazdar (VAE), Dholera (India) en dichter bij huis PlanIT Valley nabij Porto (Portugal). De betrokken investeerders zien deze steden vooral als troeven in de globale concurrentiestrijd. Inzet zijn aantrekkelijke woonomgeving, van alle gemakken voorziene kantoorruimte, uitmuntende connectiviteit en toegankelijkheid en ook hoge standaarden met betrekking tot duurzaamheid en milieu. Deze smart utopias beantwoorden zelden aan de verwachtingen. Soms vervallen ze tot spooksteden, zoals Ordos in China[5], of verloopt hun ontwikkeling anders dan gepland: Songdo (Z. Korea) oefent vooral aantrekkingskracht uit op bewoners van het nabijgelegen Seoul en veel minder op (internatiale) bedrijven. De $1,4 miljard kostende 12 km lange zesbaans hangbrug die de stad met het vliegveld verbindt is akelijk leeg, terwijl een goede spoorverbinding met Seoul node wordt gemist (zie afbeelding hieronder).

20211828998_52f6d4dc28_z

Zijn de verschillende benaderingen van ‘smart city’ verenigbaar?

Ik denk van wel, maar dan moeten tevens de volgende vragen worden beantwoord:

  1. Wat is het meest wenselijk gebruik van de stedelijke ruimte, gezien vanuit een multi-actor en multi-stakeholder perspectief?
  2. Hoe kunnen alle bewoners maximaal deelname aan het stedelijk leven?
  3. Welke mix aan bedrijven draagt bij aan een zo groot mogelijke en gediversifieerde duurzame werkgelegenheid?
  4. Wat is de beste manier om zo veel mogelijk stedelingen bij besluitvorming op verschillende niveaus te betrekken?

De rol van data, digitale voorzieningen en andere technologieën moet worden gekeken in samenhang met de beantwoording van deze vier vragen. The real smart city needs to start with the city and its attendant social problems, rather than looking immediately to smart technology for answers[6]. Dit verbreedt het denken en leidt ook tot onder ogen zien van low-tech of no-tech oplossingen. Een stad kan dan het predicaat smart claimen als “… investments in human and social capital and traditional (transport) and modern (ICT) communication infrastructure fuel sustainable economic growth and a high quality of life, with a wise management of natural resources, through participatory government.[7]

screenshot kopie 2Een bijzondere bijdrage aan het symposium kwam van Gautam Bahm uit India[8]. De smart city bestaat zijns inziens niet. Placeless concept have no meaning. Een smart city in India zal anders uitzien dan een in bijvoorbeeld Duitsland. In Indiase steden is commoning heel gewoon: Grote delen van steden zijn daar auto-constructed, volgens een andere logica dan die van planners en architecten (zie afbeelding hiernaast). Er is echter grote behoefte aan een basale infrastructuur: Nu is 17% van de grond bedekt met krakkemikkige pijpleidingen voor watervoorziening en riolering. Hetzelfde geldt voor de draden voor electriciteit en telefoon. Hier ligt een enorme taak voor stedelijke planning, die aansluit bij het bestaande weefsel van lokale gemeenschappen in plaats van deze te verwoesten, zoals gebeurt in China en op veel andere plaatsen.

Het begrip ‘smart city’ kan icoon worden van een nieuwe digitaal gefaciliteerde vorm van samenleven in de stedelijke ruimte. Hiervoor is een zienswijze op de stad nodig als een plaats die inclusive, shared and negociated is en op bewoners als active producers and contributors, vanwege hun lokale kennis, expertise, creativiteit, vaardigheid om te netwerken en ondernemerschap.

[1] Je vindt dit verslag op https://goo.gl/cgDemx.

[2] Ik ben gevraagd om curator te worden van Amsterdam Smart City. Om deze reden zullen er de komende tijd geregeld blogposts verschijnen over smart cities, een verschijnsel dat kan worden begrepen als een vorm van innovatie van de stedelijke ruimte.

[3] Dit en het volgende citaat is ontleend aan de bijdrage van Colin McFarlane (p.89).

[4] Smart cities worden in hoge mate ‘gepushed’ vanuit grote IT-bedrijven. In het geval van PlanIT Valley zijn ze de grootste investeerders.

[5] https://www.businessinsider.nl/surrealistische-fotos-van-chinas-mislukte-stad-van-de-toekomst/

[6] Zie: Robert Hollands: Critical Interventions into the Corporate Smart City Cambridge Journal of Regions, Economy and Society. Vol 8 (1) 2015, p. 61.

[7] Zie: Andrea Caragliu, Chiara del Bo en Peter Nijkamp: Smart Cities in Europe, Journal of Urban Technology, Vol 18(2), p. 652011, 70).

[8] De titel van deze inleiding luidde: Asking the wrong questions: Smart cities in contemporary urban India (p. 103)

Met spoed gevraagd: intrapreneurs

8 Okt

Bedrijven en instellingen hebben graag betrokken medewerkers. Betrokken medewerkers praten op verjaardagen graag over het werk, ze lopen er de kantjes niet van af, ze doen mee aan sociale activiteiten en ze zijn bereid opleidingen te volgen. Betrokken medewerkers kennen minder verzuim en ze voelen minder stress. Ongeveer 31% van de werknemers in de Verenigde Staten is betrokken[1].

intrapreneurHet veld waarin bedrijven functioneren maakt een fundamentele verandering door. In mijn vorige post heb ik deze de ‘Grote omwenteling’ genoemd[2]. De ontwikkelingen op het gebied van ICT stellen ons in staat om bedrijfsprocessen en producten en diensten radicaal te veranderen. Daarbij komt dat globalisering de concurrentie aanmerkelijk heeft vergroot. Bedrijven in de VS en Europa moeten daarom innoveren en nieuwe verdienmodellen ontwikkelen. Een groot deel van de werknemers moet zowel kenniswerker zijn, als beschikken over een ondernemende houding en bijbehorende competenties.

Ondernemerschap (‘passion of the explorer’) binnen een bedrijf of instelling wordt intrapreneurship genoemd. Dit is gebaseerd op drie competenties (zie afbeelding):

  • entrepreneurshipVerbondenheid met een specifieke bedrijfstak (‘commitment to domain’), resulterend in het vermogen kansen te kunnen waarnemen en benutten.
  • Uitdaging zoeken en beschikken over de daarvoor vereiste onderzoekende kwaliteiten (‘questioning disposition’).
  • Kunnen en willen opbouwen van samenwerkingsrelaties op basis van vertrouwen en wederkerigheid binnen en buiten de organisatie (‘connecting disposition’).

Uit het voornoemde onderzoek blijkt dat in de VS 11% van de werknemers beschikt over deze drie competenties. Het gaat vooral om medewerkers van kleinere bedrijven (> 1000 werknemers). De bedrijven waar entrepreneurs werkzaam zijn beschikken meer dan gemiddeld over de volgende kenmerken:

  • Cultuur van leren en ontwikkelen
  • Samenwerking door afdelingen heen
  • Grotere gerichtheid op klanten
  • Open innovatie
  • Minder hiërarchie en meer autonomie voor werknemers

Kortom ze zijn een eind gevorderd op het gebied van sociale innovatie en het verbaast niet dat ze winstgevender zijn dan gemiddeld.

Betrokkenheid en Intrapreneurship verschillen wezenlijk. Betrokkenheid is een attitude en vergt geen speciale vaardigheid of kennis. Met andere woorden, elke werknemer kan in potentie betrokken zijn. Intrapreneurship is een competentie die ontwikkelt door formeel en informeel leren. Bovendien zal deze competentie alleen tot wasdom komen als de organisatie daarvoor een passende voedingsbodem heeft. In de meeste organisaties dienen werknemers zich te beperken tot de hen opgedragen taken.

Met slechts 11% intrapreneurs gaan we het in de globaliserende economie niet redden. Op de arbeidsmarkt zullen maar weinig volleerde intrapreneurs te vinden zijn. Bedrijven zijn dus aangewezen op aannemen van personen die intrapreneur kunnen worden. Nu is het gelukkig zo dat 45% van alle werknemers in voldoende mate beschikt over één of twee van de drie competenties die voor intrapreneurship wenselijk zijn. Het is mogelijk dat zij de ontbrekende competenties ontwikkelen, gegeven de aanwezigheid van een geschikte voedingsbodem.

In de VS hebben de laatste jaren honderdduizenden potentiële entrepreneurs hun werkgevers de rug toegekeerd en voor zichzelf begonnen. Hun oude bedrijven gaven hen niet de kans om hun kwaliteiten in de praktijk te brengen. Als deze bedrijven tot inkeer komen en het oude management de laan uit sturen dan is er kans dat de verloren zonen en dochters terugkeren en deze bedrijven redden.

[1] http://goo.gl/oQEQzi. Het betreft hier een onderzoek onder 4000 werknemers is uiteenlopende bedrijven in de VS. de verwachting is dat dit percentage in Nederland iets hoger zal liggen.

[2] http://wp.me/p32hqY-9e Ook deze blogpost is sterk geïnspireerd door het onderzoek van Deloite naar de veranderingen die de afgelopen vier decennia in de economie hebben plaatsgevonden en de consequenties die daaraan verbonden kunnen worden.